Marc Verhaegen (1957) volgde Grafische Kunsten in Sint Lucas te Brussel. Hij specialiseerde er zich in animatiefilm. Tijdens zijn studies maakte hij ook strips zoals ‘De Ongewenste’ en ‘Cycloman’. Vanaf 1978 ging hij aan de slag bij Pen Film in Gent. Hij werkte er als animator mee aan de Wonderwinkel, de eerste Vlaamse tekenfilmreeks op de VRT. Daarna gaf hij ook zijn medewerking aan Magelaans, Jan Zonder Vrees, de eerste Vlaamse animatiefilm voor de bioscoop, en tal van reclame- en educatieve films. Tussendoor maakte hij een korte overstap naar de undergroundstrip. Na een reeks opdrachten voor Sesamstraat, Liegebeest, Les Mondes Engloutis en Belocapi, stapte hij in 1987 over naar de strip. Hij maakte drie albums voor de reeks Boes en een kortverhaal van Suske en Wiske. Daarop werd hem door de Studio Vandersteen gevraagd om mee te werken aan de reguliere Suske en Wiske-reeks. Dat deed hij 16 jaar, tijdens dewelke hij 32 volledige verhalen zelf schreef en tekende, naast dertien kortverhalen. In 2005 kwam een einde aan de samenwerking en begon hij met Senne en Sanne, een geëngageerde stripreeks. Van Senne en Sanne kwamen tot nu toe drie albums uit, ‘Rebecca R’, ‘Cordoba’ en ‘Loverboys’en een kortverhaal, ‘Het Speelgoedmysterie. Momenteel staat het vierde verhaal in de stijgers. In 2005 richtte hij met de Nederlander Jan Kragt de Stichting Eureducation op, die zich specialiseert in educatieve en historische strips. Sindsdien kwamen er vijf strips uit in deze reeks. ‘Het Geheim van Michiel De Ruyter’, ‘De Vliegende Hollander en het V.O.C-complot’, ‘V-bommen op Antwerpen’, ‘Strijd om New York’ en ‘Vincent Van Gogh, de worsteling van een kunstenaar’. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan ‘Strijd Tegen Water’. Sinds 2007 is Marc Verhaegen voorzitter van de VOStripgilde. Mede onder zijn impuls kwam het album ‘Brussel in Beeldekes’ uit en zet de Stripgilde in 2011 de stap naar Uitgeverij.